Ik heb geprobeerd uit te slapen, maar uit lukt me niet echt. Andere pelgrims vertrekken al vroeg om voor de middag al aan te komen. Ik besloot om nog even terug te kijken op mijn reis door Italie.
Italie was een totaal andere ervaring dan de eerste helft van de reis. Het pelgrimeren wordt hier heel religieus beleefd. Iedereen die je aanspreekt is even enthousiast. Er zijn veel plekken waar je voor weinig geld gastvrij onthaald wordt. Iedere stad wil zich wel op een of andere manier aan de via francigena verbinden, of sigeric daar ook echt ooit is geweest maakt ze niet uit. Ik heb in Italie door veel regio's gelopen en elk met een duidelijk eigen karakter.
Aosta in de alpen is erg mooi om in te wandelen. De route had een beetje een toeristisch gehalte, doordat deze telkens langs de wijngaarden geleid werd. Sigeric was ongetwijfeld door het dal gegaan. Maar ik vond het een feest om hier te lopen tussen de hoge bergtoppen. Deze regio is nadrukkelijk gewend aan toeristen en dat zag je terug in waar overnacht kon worden.
Vervolgens ging het door Lombardij en Emiglia Romagna. De po-vlakte met zijn eindeloze rijstvelden. De muggen die je lastig vallen, de hoge vochtigheid en de hoge temperaturen vormden beslist een uitdaging. Maar het was ook een streek met verrassend mooie steden en een oude cultuur. Ik ben door steden gekomen die een belangrijke rol speelden in het handelsverkeer over de via francigena. Het was interessant om daarover te horen en te lezen. Een gebied met een gastvrij onthaal voor de pelgrim, maar ook een gebied waar je als pelgrim snel doorheen wilt. Ik was blij toen we de Po overstaken en de Appenijnen dichterbij kwamen.
De ruigheid van deze bergketen verrast me telkens. Van een afstand lijkt het allemaal vriendelijk en niet hoog, maar als je je tanden stukbijt op de steile paden snap je weer waarom de via francigena de enige escape vanuit Toscane naar het noorden was. Overigens gold ook hier hetzelfde als bij Aosta: het is vooral een uitdaging voor alpinisten, maar erg zwaar voor de gemiddelde pelgrim. Van de pelgrims die ik sprak was ik de enige gek die de volledige route over de bergpaden had genomen. Maar ik het vond het een uitdaging en het was tevens een uitermate mooi gebied met bergdorpjes die tegen de bergen aan geplakt leken.
Vervolgens kwam Toscane. Het was niet de eerste keer dat ik er kwam, maar het blijft een prachtige streek. De steden met hun torens, de wijnbouw en de olijfbomen, de glooiende heuvels en de hoge cypressen. De mooie kleuren vroeg in de ochtend en eind van de middag. Het had telkens een betoverende werking op me. Verrassend vond ik het gebied na Siena, waar ik nog niet eerder was geweest. De onherbergzaamheid, de kale vlakten van zuid Toscane, waar zon en wind vrij spel hebben.
Lazio tot slot een vulcanisch gebied met enkele grote meren. Een gebied waar ik ook het sterkst de invloed van het oude Rome en de Etrusken kon merken. De oude stadjes, nog grotendeels in tact, de palazzo's en pauselijke verblijven, de oude bronnen en badhuizen, de etruskische opgravingen. En overal, waar je maar komt, dezelfde gastvrijheid voor de pelgrims.
Veel meer dan de eerste helft had ik in Italie ook contact met andere pelgrims. Het kunnen delen van ervaringen en het elkaar kunnen helpen. Ook dat hoorde erbij en was goed.